De start van de vereniging? Een van de eerste grote zichtbare activiteiten van de VWG twee jaar naar haar oprichting was het plaatsen van een ooievaarsnest op de Kruiskade, voor de ruilverkaveling en de aanleg van het spookverlaat. is in de archieven gedoken en hij heeft een fraaie foto uit de oude doos beschikbaar gesteld. We verzamelen op deze pagina jaarlijks eneke foto's.
Nieuw ooievaarsnest

2014 ©

24 maart 2014 In het weekend kwam ik er achter dat een koppel ooievaars zich spontaan aan het vestigen is op de schoorsteen van een boerderij op dik tweehonderd meter van het paalnest! Ooievaars broeden vaak in groepen bij elkaar. Toch vraag ik me af of er wellicht een jonge vogel uit een vorig broedsel bij de nieuwkomers zit. Of verdragen ooievaars elkaar zo gemakkelijk?

Ooievaars 13 januari 2014 De ooievaars in het Spookverlaat, Hazerswoude, warmen zich vast op om straks hun gerestaureerde nest naast de kijkhut te betrekken.
Ooievaars 20 januari 2014 Ooievaar op 33 meter op het eilandje voor Amalia in het Spookverlaat.
Overwinterende ooievaars

2012 ©

2 november 2012 'Overwinterende ooievaars' is het thema van een fotowedstrijd van ooievaarsvereniging STORK.
Iedereen mag meedoen. Ooievaars zijn niet moeilijk te fotograferen dus dat kan leuke foto's opleveren. Voorproefje (zonder sneeuw...): het paar ooievaars van het Spookverlaat op de Amaliaplas.

Ooievaar met nestmateriaal

24 april 2012 De ooievaars in het Spookverlaat hebben waarschijnlijk nog geen jongen. Deze oudervogel vloog zaterdag desondanks met nestmateriaal aan of het broeden nog moet beginnen.

Nijlganzen op ooievaarsnest

2007 ©

2 maart 2007Een paartje Nijlganzen dacht vanmorgen het ooievaarsnest in het Spookverlaat veroverd te hebben tot een ander trio(!) hun oog er op liet vallen.

Als Romeinse veldheren met wapperende toga's verdedigden ze met luid gesis en gekrijs hun hoge optrekje tegen aanvallende concurrenten.
Elke keer weer probeerden drie andere Nijlganzen het paartje van de troon te verstoten.

7 juli 2007Het ooievaarspaartje langs het Spookverlaat heeft een inmiddels al groot jong.
Op de foto het (ongeringde) stretchende mannetje boven de jonge vogel.

25 juni 2007Met de jonge ooievaar op het nest langs het Spookverlaat
lijkt het minder goed te zijn afgelopen.

Vanmorgen 1,5 uur gepost, vanmiddag nog even wezen kijken, maar geen spoor van het uivertje, dat al vrij groot was en waarvan je toch op zijn minst wat veren boven de nestrand zou moeten zien uitsteken.

Vanmorgen stond de moeder op het nest. Diverse malen boog ze haar kop en ging haar snavel snel een klein beetje open en dicht. Was ze bezig de veertjes van haar (dode) jong glad te strijken? Vanmiddag stond pa op het nest en was ma aan het foerageren.

Weer geen spoor van de jonge vogel, ik vrees het ergste.



2006 ©

Bij het ooievaarsnest in het Spookverlaat zaten in januari al weer de 2 ooievaars. Kennelijk zijn ze teruggekeerd van hun overwinteringsplek (Avifauna?) en bereiden ze hun nakomelingschap voor. Op de foto het vrouwtje (heb haar ring afgelezen) in het plasje ten westen van hun nest. Zij is in 1989 in dierenpark Wassenaar geboren, heeft in Avifauna 10 jongen grootgebracht en vanaf 1997 in het Spookverlaat nog eens 17. Haar partner is een ongeringde vogel.

 


Het paartje Spookverlaat-ooievaars op het eilandje voor de Amaliahut.

 


30 mei 2006 Volgens recente onderzoekingen van het KNMI wordt het weer steeds extremer. Met die harde wind, felle buien en koude eind mei verstoppen de vogels zich. Een ooievaar hoog op het nest kan dat niet.
Daarom kon ik in het Spookverlaat het aanreiken van voedsel door pa en het verdelen van het eten door ma (met ring) goed bekijken.

Wie het verhaal over 3 jonkies in de wereld heeft geholpen weet ik niet, maar vanaf het begin heb ik er slechts 2 gezien. Ogenschijnlijk gaat het goed met het tweetal, nog een paar daagjes doorbijten en dan wordt het beter weer.


3 juni 2006 Bij de Amaliahut lieten zich, in tegenstelling tot donderdag, tijdens het voederen nog maar 1 ooievaarskuiken zien.

Opnieuw was er een derde ooievaar in de buurt. Eerst schermde de moeder haar nest met de vleugels af, kennelijk om te verhinderen dat die vogel op het nest zou landen. Daarna kwam pa ooievaar ook op het nest staan. Hij steeg later op om met die derde ooievaar op grote hoogte rondjes te draaien. Een kind uit een vorig broedsel?

Vanmiddag nog even wezen kijken en inderdaad: de jonge vogel, die in groei was achtergebleven, is niet meer te zien.


4 juli 2006 Rond het middaguur een kijkje genomen bij de ooievaars in het Spookverlaat. De juveniele vogel stond op deze derde dag van de hittegolf met zijn snavel open, zoals je trouwens op het ogenblik bij veel dieren (en mensen...) ziet.

Een van de ouders vloog naar de plasjes bij de Amaliahut en ging daar zitten drinken. Toen de vogel klaar was met het 'scheppen' van water in de snavel, vloog hij/zij meteen naar het nest. De jonge ooievaar ging zo plat mogelijk in het nest liggen en stak de snavel recht omhoog. De oudervogel stak zijn snavel enkele malen in die van zijn nakomeling en bracht daarbij telkens een flinke slok water over! Dat ging overigens niet zonder morsen. Het was een heel apart gezicht.

2005

1 juni 2005 - De ooievaars op het nest in het Spookverlaat treuren.
Er zijn geen dode jonge vogels gevonden,
mogelijk waren de eieren niet bevrucht.

In de winter van 2005 is het stalen nest onder grote belangstelling vernieuwd. Ook van die dag en inspanning van het oprichten van het nest op 29 januari 2005 hebben we foto's en een uitgebreid verslag van .

De ooievaars - van verleden tot heden

In heel vroeger jaren schijnen in Hazerswoude wel ooievaars gebroed te hebben. Al vele jaren geleden heeft de VWG een ooievaarsnest opgericht op het eiland bij het Spookverlaat. 14 februari 1981 stond het eerste houten paalnest fier recht op.

Leidsch Dagblad
Dinsdag 26 Februari 1901

HAZERSWOUDE - Een onzer ingezetenen meldde mij, dat hij, hoewel het bijgeloof verfoeiende toch zekerheid had bekomen, dat hij een bij uitstek geluk jaar zal hebben. De ooievaar die nu reeds zijn intocht in onze gemeente heeft gedaan, is nl. met open bek op hem aan komen vliegen. Volgens het aloude volksgeloof zou een ontmoeting van dien lentebode, in omgekeerde richting, slechts ongeluk en ellende profeteren.

Maar het duurde tot 1995 voordat een paartje ooievaars het nest zagen zitten en tot broeden kwamen. Jammer dat het in 1995 mis ging. Inmiddels was de houten paal zo kort geworden dat vervanging noodzakelijk geworden was. Zou het paar van 1995 terugkomen om een nieuw hoog nest? Op 16 maart 1996 is door leden van de vogelwerkgroep en omwonenden een geheel nieuw paalnest geplaatst. In 1996 is geen broedpoging gedaan. Het paar van 1995 kon niet terugkomen: één van de partners is in onze omgeving eind 1995 verongelukt. In 1997 volgde een tweede broedpoging van een ander paar en de verwachtingen liepen hoog op in juni 1997 met drie jongen in het nest.

Het was in het jaar 2002 voor de zesde keer dat van het ooievaarsnest jongen zijn uitgevlogen. In 1997, 1998, 1999 en 2001 zijn telkens drie jongen uitgevlogen. In 2000 is slechts 1 jong uitgevlogen, in 2002 waren er 2 jongen. Alle jongen ooievaars zijn op trek gegaan naar Noord-Afrika. Hopelijk keren zij na 3 of 4 jaar als geslachtsrijpe vogels naar ons land terug. Wat ging hier aan vooraf?

Uit de Braakbal van juni 1997

Nu het er steeds meer naar uit gaat zien dat een stel ooievaars het op 16 maart 1996 gerestaureerde ooievaarsnest gaat bewonen, lijkt het nuttig om wat nader in te gaan op de voorgeschiedenis van het hopelijk tot broeden komende eiberpaar.
Het zullen niet de eerste ooievaars zijn die daar met goed gevolg hun eieren uit broeden, een ander paar is hun in 1995 voor gegaan. Helaas zijn toen door ijskoude slagregens hun onbevederde, nog naakte en 1 1,5 kilo wegende jongen door onderkoeling omgekomen. Later in het najaar is ook n van de partners, met Belgische ring, verongelukt. De eibers die nu aanstalten maken (434 en 763) zijn meer ervaren en hebben samen reeds 10 jongen grootgebracht. We stellen ze even aan u voor.

Man 434

De man van 1997 heeft ringnummer 434. Hij is geboren 1984 te Haastrecht, waar hij met de hand is grootgebracht, de reden waarom is onbekend. Hij is tot 1992 in Haastrecht vast gehouden en in dat jaar, tezamen met nummer 432 als vermoedelijke partner, vrijgelaten. Deze nummer 432 is later enige tijd op een kerk in Den Burg op Texel gesignaleerd. Nummer 434 was in 1992 gepaard met een niet geringd vrouwtje en zocht op een schuurtje in Vogelpark Avifauna een nestplaats. Op deze op bijna onmogelijk te bereiken plek, tussen de takken van enkele omringenden bomen, poogden zij hun nest te bouwen. Aanvankelijk lukte dat niet, maar door ingrijpen van het personeel van het vogelpark werd een nestvlonder op het dak van het schuurtje geplaatst. Op dit nest werden 3 jongen grootgebracht. In 1993 werd door 434 met een nieuwe partner, nummer 763, het zelfde nest bewoond en zijn 2 jongen groot gebracht. Van 1994 tot 1996 herhaalde zich dat, in die 4 jaar tijd hebben zij 10 jongen groot gebracht.

Vrouw 763

De vrouw van 1997 heeft ringnummer 763. Zij is geboren in 1989 in het voormalig dierenpark Wassenaar en is in 1990 en 1991 regelmatig in "Het Zwin", aan de kust tussen Nederland en Belgi gesignaleerd. Ze was in 1991 met een onbekende partner regelmatig op een paalnest in de Keukenhof. Zij zijn daar waarschijnlijk door een paar nijlganzen verdreven. Is in 1992 regelmatig gezien in en om Diergaarde Blijdorp in Rotterdam. Viel in 1993 kennelijk wel in de smaak van 434, want van 1993 t/m 1996 zijn resp. 2, 4, 2 en 2 uitgevlogen.

De jongen van 434 en 763 zijn waarschijnlijk allen op trek gegaan naar Noord-Afrika. Deze oude ooieveaars gaan niet op trek. Door jarenlange bijvoedering, al dan niet in gevangenschap, hebben ze de trekdrang verloren. Ze overwinteren in de omgeving,

Uit de Braakbal van december 1997

Een mijlpaal in onze VWG-historie: voor het eerst werden er op het Spookverlaat-paalnest jongen vliegvlug! Allereerst overleefden ze de juni-orkaan en op 17 juli liepen ze alle drie rond in het weiland bij van der Hulst, de nachten werden vooralsnog met Ma (763) op het nest doorgebracht. Vooral de laatste twee weken waren spannend, omdat Pa Uiver (434) helaas op 2 juli langs de Hoge Rijndijk de dood vond als verkeersslachtoffer. Gelukkig wist Ma - zelfs zonder hulp - de voedselvoorziening op voldoende hoog peil te houden.

Nadat de jongen door Ma nog tot ca. half augustus zijn gevoerd gingen zij steeds grotere zwerftochten maken. De conditie van Ma die in die laatste weken van voedseldrachten behoorlijk achteruit gegaan was, kwam van dag tot dag weer op hoger peil. Totdat .. Nog steeds liep er juist ten noorden van Hazerswoude-dorp de overgebleven partner van het eiberpaar wat in 1995 op het paalnest tot broeden was gekomen. Die weduwnaar, zoals later bleek, werd door op 14 september samen met weduwe Ma, parend op het paalnest aangetroffen.
De drie jonge eibers zijn omstreeks die tijd op trek gegaan.

1998-2002

Jaar
Man
Vrouw
Aantal uitgevlogen jongen
1997
434
763
3
1998
763
3
1999
763
3
2000
763
1
2001
763
3
2002
763
2
2003      
2004      
2005    
0

Het was in het jaar 2002 voor de zesde keer dat van het ooievaarsnest jongen zijn uitgevlogen. In 1997, 1998, 1999 en 2001 zijn telkens drie jongen uitgevlogen. In 2000 is slechts 1 jong uitgevlogen, in 2002 waren er 2 jongen. Alle jongen ooievaars zijn op trek gegaan naar Noord-Afrika.

Hopelijk keren zij na 3 of 4 jaar als geslachtsrijpe vogels naar ons land terug. We zullen nooit weten hoe het met deze 15 jongen is gegaan want geen van hen is geringd. Het nest is erg moeilijk bereikbaar.

14 februari 1981

Het opbouwen van het eerste ooievaarsnest.

Raad eens wie hier in zijn jonge jaren staat?
Het opbouwen van het allereerste ooievaarsnest

 

 

 

Bronnen

De gegevens over de ooievaars in de "weide" omgeving van Rijnwoude zijn jarenlang verzameld door Annemieke Enters en Wim van Nee. Zij zijn het die de levenswandel van 432, 434 en 763 tot hun verschijning in het Spookverlaat hebben samengesteld.


Naar de top van deze pagina.
| Meer informatie kunt u inwinnen bij ...